De nieuwe politieke arena

Het is in deze tijd niet moeilijk om een weblog te vullen met aanwijzingen voor de verandering in de verhouding tussen overheid en burger, en de overgang van het industriële- en informatietijdperk naar de tijd van netwerken, ideeën en transformatie.

Gisteren zette cultuurpsycholoog Jos van der Lans zijn essay online dat eerder verscheen in De Groene Amsterdammer van 28 maart 2013. Het stuk heet ‘De stad als branieschopper’ en gaat, naar aanleiding van het werk van de Amerikaanse politicoloog Benjamin R. Barber, over de verschuiving van de macht van de staat naar de stad.

 …het visionaire vloeit weg, de legitimatie brokkelt af, het vertrouwen van burgers in de nationale staat slinkt. In feite is elk westers land inmiddels zwanger van Italiaanse toestanden. Verreweg de meeste burgers hebben geen idee meer waar de rijksoverheid eigenlijk voor staat, behalve voor gekissebis, bureaucratische rompslomp, blauwe enveloppen en inpopulaire maatregelen. Er is geen opbouwend beeld meer aan verbonden, het is een perspectiefloos beheersinstituut geworden, een noodzakelijk kwaad. Wie mensen spreekt die dagelijks met publieke taken in de samenleving in de weer zijn en je hoort overal hetzelfde mantra: de rijksoverheid staat in de weg, we hebben er last, de staat moet loslaten.

De oplossing wordt ook in deze visie gedreven door het internet, sociale media en verandering van onderop.

De grenzeloosheid van de netwerksamenleving maakt, aangedreven door de organiserende kracht van de informatietechnologie, verbindingen en uitwisselingen mogelijk waarvoor geen overheid meer hoeft te bemiddelen. In die dynamiek is de nationale overheid een log instrument geworden, met beleidsinstrumenten die in de virulentie van de moderne tijd traag en bot zijn.

Jos van der Lans fileert in zijn essay haarscherp de koers van de rijksoverheid, maar ziet tegelijk ook hoopvolle ontwikkelingen:

Er spoelt een golf van initiatieven door het land waarin burgers in wijken en buurten voorzieningen over nemen, publieke taken oppakken en sociale ondernemingen starten. (…) Het wemelt van de burgerinitiatieven waarin mensen samen iets willen bereiken. Voor de financiering oriënteren ze zich al lang niet meer op rijkssubsidieregelingen of overheidsprogramma’s, maar mobiliseren ze geldbronnen via crowdsourcing-sites, sociale media en creatieve verbindingen met het lokale bedrijfsleven.

Door de bezuiningen bij het Rijk schuift de regering door middel van de decentralisaties veel taken door naar de lagere overheden, die het nu moeten opknappen voor minder geld.

En warempel, in Leeuwarden, Zaanstad, Eindhoven, Enschede, Arnhem, Nijmegen, en in tal van andere steden staan er bestuurders en wethouders op die een idee hebben, die ambitie tonen, die de basis leggen voor nieuwe effectieve vormen van sociale interventie, die de bureaucratie een halt toe willen roepen, die organisaties met een visie om tafel roepen, die de kiemen leggen van nieuwe vaak kleinschalige, buurt en wijkgerichte sociale arrangementen, waarin niet alleen professionals de dienst uitmaken, maar ook burgers en hun sociale netwerken een rol kunnen spelen. (…) geen institutioneel gezever over tot waar nu iemand wel of niet verantwoordelijk is, maar gewoon samenwerking.

De overgang is dus gaande. Shift happens! Maar zoals altijd zal er weerstand komen vanuit de oude wereld:

Ze zijn eigenlijk nog maar net begonnen. En ze hebben nog een lange slag te gaan, want de erfgenamen van het oude verzorgingsstaatdenken, de bestuurders van de instituties zullen zich niet zonder slag of stoot overgeven aan de nieuwe lokale politieke aspiraties. Zij zullen zich zo veel mogelijk onttrekken aan de tentakels van de stedelijke bestuurders, zij zullen moord en brand schreeuwen en voorspellen dat de sociale wereld vergaat, sterker ze zullen hun oude Haagse trawanten te hulp roepen. Maar helpen zal het niet. Uiteindelijk zullen zij zich moeten verstaan met de centra waar de macht is neergedaald en de instituties hun dienstbaarheid voor burgers zullen moeten herontwerpen: de stedelijke arena.

Het goed geschreven essay van Jos van der Lans is boeiend en zet aan tot nadenken. Regie van bovenaf, zoals de geforceerde vorming van landsdelen door minister Plasterk, past niet in de nieuwe tijd van wisselende netwerken. Gedwongen fusies en schaalvergroting zijn oude begrippen. Het gaat juist om de menselijke maat, kleinschaligheid, lokale initiatieven.

sticker bloemenEen leuk voorbeeld van een initiatief dat wél past in de veranderende tijd is het project ‘Tegel eruit, groen erin’ van de gemeente Rotterdam en het hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard voor een klimaatbestendige stad.  

Een overheid die niet dicteert, maar faciliteert en mensen verleidt en inspireert. Hopelijk is dat de toekomst.

© Jeroen Louis, 5 april 2013

Dit bericht is geplaatst in duurzaamheid, overheid, politiek, visie met de tags , , , , , , . Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *