Ambtenaren als robots?

Tijdens het onlangs gehouden congres Masters of Management, georganiseerd door de AOG School of Management stelde Philip Wagner, consultant en verbonden aan de Rijksuniversiteit Groningen, dat de hoogtijdagen van het klassieke management achter ons liggen.

De geïsoleerde management functie is voorbij, managementcompetenties
worden geïntegreerd in het professioneel handelen.

De klassieke managementfunctie is gecreëerd in het industriële tijdperk, dat ten einde loopt. Ook Menno Lanting schrijft in zijn nieuwe boek De slimme organisatie dat we afscheid gaan nemen van de hiërarchische organisatie. De boodschap is dat het zwaartepunt verschuift van managers naar professionals.

Het is daarom zorgwekkend om te zien dat Alex Brenninkmeijer (de Nationale ombudsman) stelt dat juist de positie van de professional bij de overheid steeds meer in het geding is.

Mijn belangrijkste diagnose rond het functioneren van ambtenaren is dat zij steeds meer in de rol van robot worden geduwd en dat hun denk- en handelingsvrijheid onder druk staat.

Brenninkmeijer schrijft verder dat hij zich, zeker in tijden van reorganisatie, kan voorstellen dat sommige ambtenaren terughoudend zijn om gevoelens van twijfel te uiten of buiten de gebaande paden te treden.

Gestrande olietanker bij Vlissingen.

Gestrande olietanker bij Vlissingen.

Dat is een alarmerende constatering, die elke overheidsbestuurder of –leidinggevende zich zou moeten aantrekken. Vooral nu de tijden zo snel veranderen en, zoals Menno Lanting het zo mooi zegt, de oudere organisaties als logge olietankers links en rechts worden ingehaald door de ranke speedboten van nieuwe, jonge bedrijven.

 

© Jeroen Louis, 8 april 2013 (© foto ANP)

Bronnen:
Philip Wagner, presentatie #MOM13
Alex Brenninkmeijer, column van 5 april 2013
Menno Lanting, De slimme organisatie, 1e druk, februari 2013
Dit bericht is geplaatst in overheid met de tags , , , . Bookmark de permalink.

4 Reacties op Ambtenaren als robots?

  1. Norbert schreef:

    Wat ik momenteel signaleer, is dat de ambtenaar als professie heeft moeten plaatsmaken voor de krokettendraaier in de automatiek van het klantgericht denken. Aanvraagformulieren, geautomatiseerde procesgangen, standaardtekstblokken en een belservice na afloop. Geen wonder dat een mediationgesprek tegenwoordig zo goed scoort. Mensen praten en luisteren dan eindelijk weer eens met ekaar. Toch vrees ik dat in ambtenarenland de klassieke manager nog lang zal regeren. Sterker nog; de groei van het planning & control instrumentarium wijst uit dat de informatiebehoefte van de manager nog lang niet gestild is.

    • Jeroen schreef:

      De ambtenaar als ‘krokettendraaier in de automatiek van het klantgericht denken.’ Dat vind ik erg mooi gezegd! Ook in het programma Tegenlicht werd afgelopen maandag het einde van de manager verkondigd, dit keer in de zorg (zie ook mijn blogpost van 18 april ‘Transitie en overheid’). Zou het kunnen dat de groei van planning & control ook iets te maken heeft met de daar gesignaleerde kramp van controle en beheersing?

      Ik denk overigens ook wel dat we nog maar aan het begin staan, en dat de manager voorlopig nog redelijk vast in het zadel zit bij de overheid.

  2. Pingback: Transitie en de overheid | Openbaar bestuur en strategie

  3. peter van zanten schreef:

    Dat het klassieke management ten einde is, gaat ook over de definitie van wat dan klassiek management is, wannéér is het klassiék geworden. Wat ik zie is dat veel management op zich verdwijnt (o.a. om de overhead te drukken) en de tijd zal leren of dat binnen bedrijven en processen opgevangen wordt. Of opgevangen moet worden, want wie weet was het al die tijd overbodig. Dat zou pas echt een radicaal inzicht zijn.

    Maar de ambtenaar als robot dat vind ik wat al te kras; ik zie dat gemeentes wel degelijk zoeken naar menselijke vormen, in gesprek gaan, minder papieren procedures als het kan, naar de burger toe. Maar dat vergt van bestuurders en ambtelijk leidinggevenden wel goede sturing en rugdekking voor het experimenteren. En voor veel uitvoerend werkers een grote ommezwaai in denken en doen. Niet iedereen zal het kunnen of willen, maar im grossen und ganzen heb ik er wel vertrouwen in.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *